Met terugtredende overheid is giftenaftrek belangrijker dan ooit

23/12/2014

Onlangs heeft Bill Gates ons land voor één dag aangedaan. Hij werd met koninklijke egards ontvangen door premier Rutte en de Tweede Kamer. De aandacht voor Gates is terecht. Nederland hecht groot belang aan filantropie, getuige onze vrijgevigheid. Het is dit maatschappelijke gevoel en onze betrokkenheid bij de vele vrijwilligersorganisaties, dat mee zou moeten wegen in de discussie rondom de giftenaftrek.

De giftenaftrek komt ten goede aan particulieren die maatschappelijke organisaties financieel steunen. In tijden waarin de overheid steeds meer overlaat aan de burger en de informele circuits, wordt het belang van deze organisaties groter. De nationale organisaties Humanitas en Het Nederlandse Rode Kruis zijn hier een goed voorbeeld van. Zij zagen een flinke stijging in de hulpvraag voor administratieve diensten nadat de gemeenten schuldhulpverlening van de overheid had overgenomen.

In voorbereiding op de decentralisatie op 1 januari wordt door de gemeente een beroep gedaan op de vrijwilligersorganisaties, als samenwerkingspartners. Als staatssecretaris Van Rijn daar nou een transitiebudget tegenover had gesteld, dan hadden deze — inmiddels noodzakelijke — landelijke vrijwilligersorganisaties budget beschikbaar gekregen om zich voor te bereiden op de effecten van de komende decentralisatie.

Door deze toenemende druk is de publieke steun nu belangrijker dan ooit. Daarom moet de overheid particuliere donaties en giften juist nu stimuleren en niet afremmen. Bij culturele organisaties tekent zich het succes van de Geefwet steeds meer af. De meeste musea, theaters of dansgezelschappen bouwen aan een vriendennetwerk of gebruiken andere manieren van ‘friendraising’. Een overtuigend middel daarbij vormt de fiscale faciliteit van een periodieke gift en de 125%-aftrek mogelijkheid.

Door deze trend neemt de publieke betrokkenheid bij de culturele organisaties sterk toe. Er is een algemeen besef ontstaan dat culturele organisaties niet zonder publieke steun kunnen bestaan. Dit effect zou ook gunstig kunnen werken in de sociale en welzijnshoek, waar de transitie naar een participatiesamenleving het meest merkbaar is.

De Commissie Van Dijkhuizen heeft geadviseerd om de giftenaftrek af te schaffen. Met als argument dat uit een evaluatie blijkt dat de aftrek niet bijdraagt aan het bereiken van de doelstelling, het bevorderen van giften. In het onderzoek waarop de commissie zijn conclusie baseert wordt alleen naar economische effecten gekeken. De commissie gaat voorbij aan alle maatschappelijke effecten.

De voorbereidingen voor de vereenvoudiging van het belastingstelsel worden momenteel getroffen en de discussie rondom de heffingsgrondslag wordt op het ministerie gevoerd. Anders dan de economische argumenten of de prijselasticiteit van de giftenaftrek, biedt het toenemende maatschappelijke belang en de publieke betrokkenheid een steekhoudender argument voor juist een ruimere fiscale stimuleringsmaatregel. Nu de sociale en welzijnsorganisaties echt als vangnet van de maatschappij zijn gaan fungeren, moeten ze kunnen blijven rekenen op de publieke betrokkenheid. En de overheid hoeft daar niet aan te verdienen.

Auteursnoot
Christine van Zuylen van Nijevelt is associated partner bij communicatieadviesbureau Lindblom. Het opiniestuk is op zaterdag 20 december 2014 gepubliceerd in Het Financieele Dagblad.